Annegien (39) in Rotterdam

Het is vier uur ’s middags. Annegien is bereid om thuis, in Nieuw-Crooswijk Rotterdam, haar woonsituatie met ons te delen. Als ze me net een kopje thee heeft ingeschonken, begint het dreunen van de bas in het huis onder ons. “En nu is het nog overdag,” reageert Annegien op het geluid.

De geluidsoverlast is niet het enige wat Annegiens woonplezier vermindert. De vloeren, waterleidingen en kozijnen zijn slecht onderhouden, de woning is nauwelijks warm te stoken en door de leegstand in de buurt is het niet altijd prettig om door de straat te lopen. Maar het ergste is de onzekerheid. Annegien weet namelijk al vijftien jaar niet hoe lang ze nog in haar huis kan blijven en heeft het gevoel elk moment uit haar huis gezet te kunnen worden.

Vierentwintig is Annegien als ze in 2003 terugkeert naar de buurt waarin ze opgroeide, Nieuw-Crooswijk in Rotterdam. Woningbouwvereniging Woonstad Rotterdam heeft haar en haar broer een woning aangeboden. Het is een woning die de woningbouwvereniging slecht kon slijten vanwege de rare indeling van het huis. Annegien en haar broer betrekken het huis, onder de belofte van Woonstad Rotterdam dat ze na afronding van het project in de wijk konden blijven, de terugkeergarantie. Ze wisten dus vanaf de eerste dag dat ze uit hun huidige huis weg moesten, maar dat ze wachtten op iets beters.

“Nog even volhouden, binnenkort wordt het beter,” zegt Annegien keer op keer tegen zichzelf om zich er doorheen te slepen.

Opnieuwbouw

Tussen de Schuttersweg en de Paradijslaan ligt een wijk die al vijftien jaar wacht op het voltooien van het herstructuringsplan. De 2100 woningen in deze wijk zouden grotendeels gesloopt worden volgens het originele plan. Daarvoor in de plaats zouden 1800 nieuwbouw woningen komen, waarvan 430 sociale huurwoningen die gereserveerd zouden zijn voor bewoners met een terugkeergarantie. Wat begon als een innovatief plan om de achteruitgaande wijk te veranderen in een groene en gevarieerde stadswijk, is anderhalf decennium later vele malen bestreden en gewijzigd. De plannen liepen keer op keer vertraging op, en het originele plan is in 2013 definitief van tafel geveegd. In 2013 werd besloten om 900 woningen te renoveren in plaats van te slopen. Een deel van de nieuwbouw wordt wel volgens het originele plan gebouwd, maar met minimaal acht jaar vertraging. Intussen worden de gebouwen waar nog geen oordeel over is geveld nauwelijks onderhouden door Woonstad Rotterdam.

Eindeloos wachten

Vijftien jaar wachten is een eeuwigheid. Annegien heeft geprobeerd het wachten te verkorten door in buurtcommissies te gaan en oneindig vaak te te bellen en mailen naar Woonstad en de gemeente. “Nog even volhouden, binnenkort wordt het beter,” zegt Annegien keer op keer tegen zichzelf om zich er doorheen te slepen. Inmiddels heeft ze meerdere zware lekkages gehad door achterstallig onderhoud, betaalt Annegien twee keer zoveel huur als haar anti-krakende onderburen en begint haar gaskacheltje kuren te vertonen. “Gelukkig zijn de winters niet meer zo koud.”

Zeker voor Annegien is dat ze niet zonder meer vertrekt. Veel van haar voormalige buren waren het wachten zat en zijn vertrokken naar een andere woning. Voor haar is dat geen optie. Niet alleen is ze gebonden aan de wijk voor mantelzorg, ze valt ook net tussen alle subsidieregelingen in waardoor ze er alleen maar sterk op achteruit kan gaan.  “Als ik vertrek moet ik een veel hogere huur gaan betalen. Dan moet ik zo anders gaan leven, dat zie ik niet zitten. Annegien zou met een huur van minimaal €600 al op de “armoedegrens” komen te zitten. Haar vaste lasten zijn dan zo hoog dat zij geen geld overhoudt om te sporten, sparen of iets leuks te ondernemen. Daarbij laat Woonstad mij al vijftien jaar wachten; ze moeten met een goed bod komen wil ik weg gaan.”

woningnood in zuid-holland